Een blanco, wit, rechthoekig spandoek met een lichtblauwe strook langs de boven- en onderrand.

Van transabdominale cerclage


naar onze regenboogbaby

Op 27 oktober zaten we in het Radboudumc in Nijmegen. En voor het eerst voelde ik me écht gehoord en begrepen. Na alles wat er tijdens mijn zwangerschappen was gebeurd, volgden onderzoeken en gesprekken. Uiteindelijk kreeg ik de diagnose baarmoederhalsinsufficiëntie. De arts vertelde ons dat het eigenlijk puur geluk was geweest dat ik bij Sepp en Suus twee keer de 33 weken had gehaald. In een streekziekenhuis was deze diagnose waarschijnlijk niet gesteld. Volgens de klassieke richtlijnen past een bevalling rond 33 weken namelijk niet direct bij baarmoederhalsinsufficiëntie.


Maar juist door de kennis en ervaring die ze in Nijmegen hebben, kijken ze verder dan alleen dat ‘boekje’. Sommige ideeën blijken inmiddels achterhaald. Gek genoeg voelde die diagnose als een enorme opluchting. Niet omdat het veranderde wat er was gebeurd. Voor onze Mees kwam deze diagnose te laat. Maar eindelijk was er een verklaring. Eindelijk wist ik dat wat er tijdens mijn zwangerschappen gebeurde niet zomaar pech was geweest. En nog belangrijker: als ik opnieuw zwanger zou raken, was er een plan. Ik zou een transabdominale cerclage krijgen. Een bandje dat via de buik hoog rondom de baarmoederhals wordt geplaatst om deze tijdens de zwangerschap gesloten te houden. Omdat deze cerclage blijft zitten, zou een natuurlijke bevalling daarna niet meer mogelijk zijn en zou ons kindje via een keizersnede geboren worden. Het gaf me iets wat ik lange tijd niet had gevoeld: een beetje vertrouwen in een volgende zwangerschap. En toen kwam die volgende zwangerschap.


2 december

2 december is voor ons inmiddels een bijzondere datum. Het is de dag waarop ik tijdens mijn zwangerschap van Sam mijn transabdominale cerclage kreeg.

Als er iets was waar ik ontzettend bang voor was, dan waren het operaties. Vooral omdat je op zo'n moment alle controle uit handen moet geven. En controle loslaten is nou niet bepaald mijn sterkste kant. We moesten om 07.00 uur in het ziekenhuis zijn en om 08.00 uur zou ik geopereerd worden. Daar was ik stiekem heel blij mee. Als ik pas 's middags aan de beurt was geweest, had ik waarschijnlijk urenlang zitten zenuwpezen. Om zes uur 's ochtends moest ik nog twee drankjes innemen die zouden helpen bij een sneller herstel. Door de zenuwen waren die voor we het ziekenhuis bereikten alweer uit mijn lichaam.


Ik vond het doodeng. Eenmaal in het ziekenhuis werd ik opgenomen op dezelfde afdeling waar ik ook had gelegen toen Mees werd geboren. Gelukkig kreeg ik een andere kamer. Alleen al daar weer zijn bracht genoeg herinneringen met zich mee.

Voordat ik naar de operatiekamer ging, luisterden ze nog even naar het hartje van Sam. Daar zat hij. Veilig in mijn buik. De verpleegkundigen probeerden me gerust te stellen, maar eerlijk gezegd kwam daar op dat moment weinig van binnen.

In de operatiekamer stonden uiteindelijk ongeveer dertien mensen om mij heen. Omdat deze ingreep tijdens de zwangerschap in Nederland heel specialistisch is en in Nijmegen wordt uitgevoerd, werd mij gevraagd of artsen uit Amsterdam mochten meekijken om de techniek te leren. Daar hoefde ik niet lang over na te denken. Natuurlijk. Hoe meer artsen dit kunnen leren, hoe meer vrouwen in de toekomst misschien geholpen kunnen worden.


De operatieassistenten probeerden me ondertussen af te leiden. Wonder boven wonder lukte dat ook nog. Midden in een gezellig gesprek werd ik onder narcose gebracht. Toen ik mijn ogen weer opendeed, lag ik op de verkoeverkamer en was Jordy bij me. De operatie was geslaagd. Na ongeveer tweeënhalf uur opereren zat de cerclage op zijn plek en mocht ik vrij snel terug naar de afdeling. Die dag heb ik vooral heel veel geslapen. Gelukkig kwamen de liefste kindjes nog op bezoek en zorgden zij voor de nodige afleiding. Want pfff… wat deed dit pijn. Het voelde alsof ik door een vrachtwagen was overreden.


Achteraf kan ik de pijn van deze operatie vergelijken met de keizersnede die later volgde. En dan kan ik maar één ding zeggen: die keizersnede was voor mij een piece of cake vergeleken met de operatie waarbij de cerclage werd geplaatst.

De ingreep was veel zwaarder dan ik vooraf had verwacht. Ik weet nog dat ik dacht: als een keizersnede straks óók zo voelt, dan wordt dat nog wat.

Aan het einde van die dag kwam de arts bij ons langs. Tijdens de operatie hadden ze besloten om naast de transabdominale cerclage ook een vaginale cerclage te plaatsen. Dubbele zekerheid. Voor dat moment telde maar één ding: de operatie was geslaagd en Sam zat nog veilig in mijn buik.

Zwart-wit illustratie van een paardenbloem met wegwaaiende zaadjes op een witte achtergrond.
Dunne zwarte halvemaan-icoon op een witte achtergrond

Regenboogbaby


En toen begon het wachten

Want met het plaatsen van de cerclage verdween de angst natuurlijk niet ineens.

Na alles wat we hadden meegemaakt, voelde iedere week die voorbijging als een kleine overwinning. Tegelijkertijd was de zwangerschap lichamelijk ontzettend zwaar.

Ik had veel pijn.


Soms hoefde ik maar een paar meter te lopen en voelde het alsof er messen in mijn buik werden gestoken. Mijn hoofd wilde misschien nog van alles, maar mijn lichaam bepaalde het tempo. Rust nemen was geen keuze meer. Het moest. Dat betekende ook dat ik steeds meer uit handen moest geven. Familie heeft in die periode ontzettend veel voor ons gedaan. Dingen in huis, praktische zaken, zorgen voor de kinderen. Dingen die je normaal gesproken zelf doet, maar die simpelweg niet meer gingen. En ondertussen bleef ik weken tellen. Elke grens kreeg een andere betekenis.

Iedere week dat Sam bleef zitten, bracht ons dichter bij iets waar we bijna niet meer op durfden te vertrouwen: een kindje dat niet veel te vroeg geboren zou worden.

Na Mees wist ik namelijk maar al te goed dat een zwangerschap geen garantie geeft op een baby die je uiteindelijk mee naar huis neemt. Dus hoe dichter we bij het einde kwamen, hoe groter ergens het vertrouwen werd. Maar helemaal zorgeloos werd het nooit. Tot de dag kwam waarop we niet meer hoefden te proberen Sam binnen te houden. Hij mocht geboren worden.


Onze regenboogbaby Sam

Na alle onzekerheid, tranen, angst en littekens, zowel op mijn hart als op mijn lichaam, werd onze regenboogbaby Sam geboren. Via een keizersnede.

En wat was zijn geboorte anders dan alles wat we daarvoor hadden meegemaakt.

Voor het eerst werd mijn kindje na de geboorte niet meteen bij mij weggehaald.

Voor het eerst lag er een baby in mijn armen met een normaal geboortegewicht.

Geen piepklein kindje dat direct medische zorg nodig had. Geen afscheid. Geen gevoel dat mijn lichaam ons opnieuw in de steek had gelaten.

Gewoon mijn baby. In mijn armen.


Ik weet niet of je na verlies ooit nog volledig onbevangen een kindje krijgt. Ook op zo'n prachtig moment reist alles wat daarvoor gebeurd is met je mee. Dat zagen we ook bij onze kinderen. Onze oudste was meteen blij met zijn kleine broertje. Onze middelste hield meer afstand. Ze keek naar Sam en zei: “Hij heeft zijn ogen dicht.”

Zo'n klein zinnetje, maar voor ons zat daar zoveel achter. Het duurde even voordat zij het vertrouwen kreeg dat dit kindje wél zou blijven. Dat een baby met zijn ogen dicht niet betekende dat we opnieuw afscheid moesten nemen.


Ook mijn eigen herstel was deze keer anders. Natuurlijk is een keizersnede een grote buikoperatie en moest mijn lichaam opnieuw herstellen. Maar vergeleken met de operatie waarbij mijn transabdominale cerclage was geplaatst, vond ik deze pijn zoveel beter te dragen. En ineens waren we daar. Aan de andere kant van een zwangerschap waarvan ik lange tijd niet wist of ik ooit zou durven geloven in een goede afloop. Met Sam in onze armen. Sam maakte niet ongedaan wat er daarvoor was gebeurd. Hij vulde de plek van Mees niet op. Die plek is en blijft van Mees. Maar Sam liet ons wel ervaren dat verdriet en geluk naast elkaar kunnen bestaan. Dat je na een zwangerschap vol angst weer een kindje in je armen kunt krijgen. Dat je lichaam littekens kan dragen en tegelijkertijd nieuw leven kan dragen. En dat er na een ongelooflijk heftige storm uiteindelijk toch weer kleur kan verschijnen.


Onze regenboogbaby Sam.

Lees hier meer over mij

Max, Bo en de regenboogbaby

In dit warme en troostrijke prentenboek missen Max en Bo hun broertje Jip, die maar heel even bij hen was. Hij is veel te vroeg overleden. Wanneer hun moeder vertelt dat er een nieuwe baby op komst is, voelen de kinderen verwarring en verdriet, maar ook hoop en voorzichtig weer een beetje blijdschap.


”Max, Bo en de regenboogbaby” is het kinderboek dat kinderen helpt, om woorden te geven aan hun gevoelens. Zeker in een verwarrende tijd, waar bij gevoelens van angst, verdriet en blijdschap, zo met elkaar verweven zijn. 


Het prentenboek met eenvoudige taal en aansprekende illustraties, is een hulpmiddel om emoties bespreekbaar te maken. Een boek dat troost biedt, herkenning geeft en ruimte maakt voor liefde en herinnering.


ISBN: 978-90-9040929-0

Uitgave: Hardcover 

Formaat: Vierkant 21x21 cm


Kosten: 15 euro per stuk


Bestel hem hier